De ervaringen van een vluchtelinge

De ervaringen van een vluchtelinge

woensdag 6 januari 2016

Nona Salakory, steunfractielid namens GroenLinks, vertelt over hoe zij en haar familie als nieuwkomer in het Nederland van 1951 werd ontvangen. Ze wil met dit verhaal haar ervaringen als vreemdeling in een nieuw land delen en pleiten voor een betere en menswaardiger opvang voor de huidige vluchtelingen in Nederland.

Deze hele vluchtelingenproblematiek in 2015 en 2016 doet mij sterk denken aan mijn eigen situatie van toen mijn ouders en ik als baby van 5 maanden uit Nederlands Indië naar Nederland werden verscheept. Met dit stuk wil ik mijn ervaringen vertellen hoe het was om als vreemdeling aan te komen in een land dat totaal anders is dan die waar je vandaan komt. Hoe het is om hier op te groeien waar de taal rondom je niet de jouwe is. Hoe de gewoonten en gezegden hier niet de waarden vertegenwoordigen zoals je die bij jou in je huiskamer als norm koestert. Hoe je dubbel je best moest doen op school, waar de meester van je verwachtte dat je op de basisschool precies op de landkaart van Indonesië het eiland Ambon kon aanwijzen. Ik hoop dat de nieuwe vreemdelingen die nu vergunninghouders worden genoemd een mildere ervaring mogen opdoen. Ik hoop dat de huidige vreemdelingen zich eerder op hun gemak mogen gaan voelen in dit prachtige stukje van de wereld. Dat stukje dat Nederland heet. Waar zoveel lieve mensen samen wonen.



Wij kwamen in Nederland aan in 1951. In Rotterdam meerden destijds grote zeeschepen aan als de Asturias, de Kota Inten en vele andere.
12.000 Ambonezen van het eilandenrijk de Molukken met als hoofdstad Ambon waren in Nederlands Indië niet meer welkom door de opkomende nationalisten als Soekarno, Hatta en kornuiten. Men was het kolonialisme onder Nederlands bewind meer dan zat.
In 1595 voer de eerste Nederlandse vloot uit naar Oost Indië, waarna zeer vele zullen volgen. Om alle touwtjes van deze handel in handen te houden werd in 1602 het VOC opgericht.
Deze Verenigde Oost-Indische Compagnie had als doel om de samenwerking te bevorderen van de verschillende handelskamers. Ze kreeg van de Staten Generaal het alleenrecht op de handel ten oosten van Kaap de Goede Hoop. Tevens kreeg ze ook politieke rechten: Zelfstandig handelsverdragen afsluiten, forten bouwen, oorlog voeren en veroverde gebieden besturen.
Handelsproducten waren kruidnagelen, nootmuskaat, foelie, peper en andere specerijen, naast porselein, zijde, satijn, damast, edelstenen, goud en schildpadden.
Een kolonie diende voornamelijk om de schatkist van Nederland te spekken. De inlanders moesten heel hard werken voor het minimale. Ze moesten zelfs op hun grond gewassen verbouwen die voor de VOC bestemd waren.



Op 17 augustus 1945 riep Soekarno de Republiek Indonesia Serikat uit, de Verenigde staten van de Republiek Indonesia met Soekarno als de eerste president. Dit wilde Nederland niet accepteren en 100.000 militairen werden er op af gestuurd om de vrede te redden met twee Politionele Acties. Gewelddadig werden de opstanden gesmoord.
Uiteindelijk werd op 27 december 1949 tijdens de Ronde Tafel Conferentie de soevereiniteitsoverdracht gelijktijdig getekend door Koningin Juliana op het paleis op de Dam in Amsterdam o.l.v. de premier W. Drees en in Batavia (Jakarta) door de sultan Hamenko Buwono. Met uitzondering van Nieuw Guinea en de Molukse of Ambonse kwestie.
De Unie Nederland – Indonesië is een feit geworden na 4 jaar bakeleien. Door de VN werd zelfs gedreigd met het stopzetten van de financiën voor wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog.



Vanuit Rotterdam werden we met bussen naar Amersfoort vervoerd voor de algemene gezondheidsonderzoeken.
Daarna werden we in bussen met een bestemming gezet. Wij gingen naar het voormalig concentratiekamp Vught. Nu rijksmonument met een museum en een plattegrond van al die barakken. Wij woonden in barak 33. Daar in dat kamp hebben veel Joden gevangen gezeten in de Tweede Wereldoorlog, waarna ze naar Duitsland werden afgevoerd. Soms voelde de atmosfeer er heel verdrietig en angstig aan. Als klein kind kon je dat niet echt plaatsen.
Na twee jaar werd ik met mijn adoptieve ouders naar een klooster gebracht in Eijsden in Zuidlimburg. Daar mochten we met zoveel mensen de helft van het klooster gebruiken om te wonen. 
Hier deden zich ook bizarre verhalen de ronde over Joodse mensen in de kelder die daar waren omgebracht, of die zichzelf hadden opgehangen, maar ik was nog te klein om de "boodschappen"  te kunnen begrijpen. Wel kan ik mij de vreemde sfeer herinneren, een sfeer met zo’n onbestendig gevoel …
Na 2 jaar zijn we weer vervoerd naar Aardenburg in Zeeuws Vlaanderen. Dit was een werkkamp ook uit de Tweede Wereldoorlog. Hier woonden we met een betrekkelijk kleine groep Ambonese mensen. Hier ben ik naar de kleuterschool gegaan bij juf Betsie en haar vriend heette toen Rinus. Heel lieve mensen die ik nog heb opgezocht toen ik rond de 20 jaar was.
Ik herinner me ook een schoolvriendinnetje die Winnie van de Broek heette. We gingen wel eens bij haar oma langs en daar rook het altijd zo lekker naar appeltjes, van die kleine roodoranje. Haar oma had zelf ook zulke appelwangetjes……
Mijn vaders waren bij aankomst in Rotterdam uit het KNIL, Koninklijk Nederlands Indisch Leger ontslagen en vanwege hun onzeker verblijf hier in Nederland, ook nog statenloos verklaard. Terwijl ze eigenlijk allemaal Nederlandse staatsburgers waren vanwege de gezamenlijke Nederlands Indische voorgeschiedenis!!!
Wat betekent dat ze niet mochten werken en ze afhankelijk hun hand moesten ophouden voor 1 of 2 gulden per week….. Dit is zo mensonwaardig en uiteraard gingen ze letterlijk de boer op voor betaald seizoenswerk.
Wie houdt wie voor de gek?
Toen ik 7 jaar was en heel gelukkig mijn broertje Jonnie rijk was, kwam mijn biologische vader ons ophalen voor een bruiloft in de familie in Wierden in Twente.
Mijn biologische vader heeft het voor elkaar gekregen dat we niet meer naar Aardenburg terug hoefden. Moet je nagaan ……..mijn vader was 27 jaar toen hij hier naar toe kwam en nu is hij 92 jaar.



Met dit verhaal wil ik pleiten voor een beter opvang van de huidige vluchtelingen.
Wij, Ambonezen waren geen vluchtelingen. Wij, onze vaders hebben de Nederlandse driekleur door de eeuwen trouw gediend. Men spreekt ook wel eens schamper over "Door de eeuwen Rouw".  De meeste mensen kennen dit onderdeel van de Nederlandse geschiedenis niet eens meer. Wordt dit op school nog in de geschiedenisboeken geleerd?
Toch hoop ik dat de mensen van de Politiek lering kunnen trekken uit de ervaringen van onze wederzijdse geschiedenis. Dan denk ik aan:
  • Menswaardige opvang, geen gesol met de vergunninghouders
  • Niet buitensluiten door de locaties buiten de gemeenten te plaatsen
  • Niet buitensluiten van de reguliere bewoners van een gemeente, zodat er geen contact gemaakt kan worden met elkaar
  • Vermijden van het vormen van WIJ en ZIJ, het separatisme
  • Bevorderen van integratie door scholing
  • Vroegschoolse Educatie standaard maken en laagdrempelig
  • Stimuleren van contacten leggen
  • Laat ze leren, studeren, sporten, werken
  • Laat ze niet alleen maar hun hand op te hoeven houden
  • Niet blijvend pamperen
  • Mensen willen zelfstandig besluiten kunnen nemen
  • Mensen willen ook besluiten in overleg kunnen nemen
  • Korte duur van onzelfstandige woonruimten met gedeelde voorzieningen
  • Voorzien van maatjes / buddies om ze op weg te helpen
Er zullen vast nog meer aspecten te noemen zijn, maar ik volsta met deze.

Nona Salakory
steunfractielid GroenLinks Baarn

GroenLinks blogt


Wilt u reageren?
Stuur GroenLinks een e-mail via onderstaande knop.




Blogarchief


Blijf op de hoogte

Ja, ik wil mails ontvangen van GroenLinks Baarn.
Naam

E-mailadres

Niet invullen
logo Groenlinks Baarn